Wat is er nodig om uw aangifte inkomstenbelasting te verzorgen over het jaar 2016

– Geldig paspoort of rijbewijs en indien mogelijk een goed leesbare kopie daarvan. Let op: van het “nieuwe” rijbewijs ook een kopie van de achterzijde

– Voorlopige aanslag(en) of voorlopige teruggaaf (inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, aanslag inkomensafhankelijke zorgverzekeringswet, kindgebonden budget, kinderopvangtoeslag, huurtoeslag over het jaar 2016

– Jaaropgaaf werkgever(s) en/of uitkeringsinstanties

– Jaaropgaaf betaalde hypotheekrente / ontvangen bouwrente / saldo hypothecaire lening(en) / WOZ beschikking met peildatum 1 januari 2015 (belastingjaar 2016). Dit kunt u terugvinden aan de opgelegde aanslagen van de Gemeentelijke belasting of Waterschap.

– Afrekening van de notaris bij aankoop en/of verkoop van een woning of wijziging van de hypothecaire lening

– Factuur voor taxatiekosten bij aankoop van een woning of wijziging van de hypothecaire lening

– Factuur betaalde bemiddelingskosten hypothecaire lening

– Bij giften de betreffende afschriften van de bankrekening waarvan deze zijn betaald

– Indien uw gemiddeld (totale) vermogen hoger is dan € 24.437,00 per persoon, inclusief aandelenbezit, kapitaalverzekeringen, contant geld en tweede woning, de dagafschriften met daarop de saldo’s per 1 januari 2016 en 31 december 2016. Voor groene fondsen is een aparte vrijstelling.

– Jaaropgaven van aandelenbezit per 1 januari 2016 en 31 december 2016

– Overzicht(en) van betaalde dividendbelasting 2016

– (WOZ) Waardegegevens tweede woning in Nederland

– Onderbouwde schatting waarde tweede woning in het buitenland – Overzicht van de opgebouwde waarden van kapitaalverzekeringen per 1 januari 2016 en indien al aanwezig die van 31 december 2016

– Bij betaalde premies voor lijfrenten de benodigde betaalbewijzen alsmede, indien van toepassing, een opgaaf van het pensioenfonds met daarop de opbouw over het jaar 2015 (A-factor)

– Overzicht van betaalde studiekosten (er geldt een drempel)

– Ziektekosten: De aftrek van ziektekosten is vanaf het jaar 2009 nog verder beperkt. Binnen bepaalde grenzen zijn alleen nog gemaakte kosten voor ziekte en invaliditeit aftrekbaar die betrekking hebben op:

– Kosten voor medicijnen op doktersvoorschrift, niet de zogenaamde zelfzorgmiddelen

– Kosten voor medische hulpmiddelen zoals koortsthermometer, precisieweegschaal, cardiofoon, bloeddrukmeter. kosten voor brillen, contactlenzen, rollators en looprekken en onderhoud daarvan zijn niet meer aftrekbaar. Maar wel aftrekbaar zijn nog kosten voor bijvoorbeeld een hoorapparaat of de daarvoor aangeschafte batterijen

– Kosten gemaakt voor de aanschaf en/of huur van verpleegartikelen

– Kosten gemaakt voor steunzolen, kunstledematen, breukbanden, speciale korsetten, orthopedisch schoeisel, elastieken kousen, pruik (op medisch advies) woningaanpassingen

– Vervoerskosten

– Extra uitgaven voor particuliere gezinshulp

– Extra uitgaven voor kleding en beddengoed

– Uitgaven voor medische behandelingen, anders dan bij oogaandoeningen – kruisvereniging en patiëntenvereniging

– Tandartskosten

– Kosten voor paramedici / alternatieve genezers – kosten voor psycholoog, orthopedagoog, denk ook aan kosten voor remedial teacher, anders dan opvoedkundige en onderwijskundige hulp.

Er geldt voor deze kosten wel een drempel.